Mooie busrit van Lhasa naar Gyantse.
- We moeten weer redelijk vroeg op voor een lange busrit. Omdat het Snowland hotel
nog niet open is kopen we maar bananen en wat koekjes voor onderweg. Voor
we vertrekken zien we nog mooi hoe het hotelpersoneel meedoet aan de verplichte
ochtendgymnastiek
().
Om half negen vertrekken we echt. We rijden terug over de weg naar het vliegveld
().
- Na het vliegveld rijden we een stuk langs de Yarlung Zangbo rivier
(Brahmaputra) waar we regelmatig prachtige uitzichten hebben
().
Als we de rivier
verlaten en de bergen in gaan, komen we regelmatig kuddes schapen en yaks tegen
(
).
Het uitzicht achteruit richting de rivier wordt steeds mooier
().
Ook beginnen we de eerste besneeuwde toppen van redelijk dichtbij te zien
(
).
- De gloednieuwe weg omhoog eindigt op de Khambala pas (4900m). Vanaf hier zien we voor het eerst
het prachtig blauwe Yamdroktso meer
().
We stappen even uit boven op de pas. Hier lopen veel Tibetanen met hun Yak rond
voor de toeristen
().
Op de bergtop naast de pas loopt ook nog een kudde schapen rond
()
maar waar die van leven is ons een raadsel. Jammer genoeg hebben enkele reisgenoten
(waaronder Yvonne) erg veel last van de extreme hoogte.
We dalen 400 meter af en volgen de oever van het meer
().
Onderweg zien we een groep koeien die half in het ijskoude water van het meer
staat
().
-
We stoppen in Nagartse om te lunchen
().
In dit kleine plaatsje zien de mensen
er zeer verweerd uit. Ze hebben duidelijk te lijden van de grote hoogte.
We rijden door en verlaten de oevers van het meer, richting de hoogste pas
van onze reis (5000 meter). Onderweg over de slechte weg
()
zien we weer prachtige landschappen
(
).
- Als we net over het hoogste punt heen zijn, stoppen we bij het eind van een
gletsjer
().
De hele omgeving hier is overweldigend, en zelfs de lege bierflessen
(),
bussen
(),
en toeristenyaks
()
doen daar niets aan af.
We dalen weer af, richting een grote vlakte waarop een paar kuddes yaks grazen
().
Hier komen we er achter op welke manier de wegen hier onderhouden worden
().
- De volgende stop is bij een groot stuwmeer in de bergen. Het water is weer
verschrikkelijk blauw
().
Hierna is de weg weer redelijk recht en rijden we snel naar Gyantse. Hier stoppen
we bij hotel Wutse. Het hotel is een beetje oud, maar wel goed. We lopen het
stadje in om eens te zien waar we zijn aangekomen. De hoofdstraat is een beetje
saai, maar in de achterafstraatjes is vanalles te zien, zoals een prachtige
deuropening die net geschilderd wordt
().
Om zeven uur gaan we met zijn allen eten in het restaurant van het hotel. Dit valt
behoorlijk tegen: het duurt erg lang en het eten is niet goed (halfgare kip en zo).
Na afloop spelen we nog wat kaart en gaan dan naar bed.
Wandeling door Gyantse, busreis naar Shigatse.
We proberen vandaag het ontbijtbuffet in het hotel. Dit was geen goed idee, het
ontbijt is net zo slecht als het avondeten. Na het ontbijt lopen we naar het
klooster van Gyantse, het Palkhor Chode klooster
().
Het klooster is behoorlijk
rustig, overal liggen honden te slapen
()
of staan gebedsmolens
().
- Op het kloostercomplex bezoeken we de grote stupa, de zogenaamde Palkhor Chode
Kumbum. Hier moeten we bijbetalen om onze camera's mee te mogen nemen. De stupa
bestaat uit vier verdiepingen met omlopen waarin vele donkere nissen zitten.
In elke nis staat minimaal één beeld van een Boedha of een demon
(
).
Op de vijfde verdieping staan we op een soort dak, vlak onder de ogen van de stupa
().
Vanaf hier hebben we een prachtig uitzicht op de omgeving. In de verte zien
we Tibetanen die bezig zijn met de gerstoogst
().
Na de stupa bezoeken we de hoofdtempel van het klooster. Ook hier moeten
we weer betalen om te mogen fotograferen. Binnen staan er vele banken voor
de monniken, met daarop hun pijen en kappen
().
We vinden een trap waarmee we op het dak kunnen komen
().
- Als we het klooster wel gezien hebben, lopen we de wijk voor het klooster in
().
Hier zijn de straatjes heel smal en steil. Voor vrijwel elk huis staat er
hier een koe op straat
().
De mest van de koeien en de yaks wordt op de muren geplakt om te drogen
().
Ook in de wijk is duidelijk te merken dat het oogsttijd is. Paardenwagens met
grote zakken gerst rijden af en aan om de oogst naar de huizen te brengen
().
- We lopen terug naar het hotel, checken vast uit en gaan lunchen. Deze keer
kiezen we een klein Chinees restaurantje tegenover het hotel. De eigenaar praat
graag met toeristen en laat zijn kookkunsten graag zien
().
Het eten is best aardig, zeker beter dan in het hotel.
- Na de lunch wandelen we naar de velden waar we vanaf de stupa de oogst hebben
gezien. Hier zien we veel tenten waarbij een heel gezien helpt met het oogsten.
Waarschijnlijk komen deze mensen niet uit Gyantse, de tenten zijn namelijk echt
voor overnachtingen bedoeld en veel gezinnen hebben zelfs hun koe meegenomen.
().
Op het veld wordt het kaf van het koren gescheiden
()
en wordt het gerst in zakken gedaan
().
Vanaf hier kunnen we het fort van Gyantse ook goed zien
().
- We wandelen terug naar het centrum en doen even wat inkopen bij een supermarktje.
Vanaf een stoeprandje genieten we op het uitzicht op het dagelijks leven in Gyantse.
Na nog even snel ge-emaild te hebben vertrekken we om half vier met de bus naar
Shigatse.
We rijden door een brede vallei met veel gerstvelden. Onderweg komen we veel
kuddes koeien, schapen en yaks tegen.
- Om vijf uur komen we aan bij het Manasarovar hotel. Dit is een behoorlijk
sjiek hotel met erg mooie kamers. We drinken even wat in het theehuis van het
hotel en gaan daarna eten in één van de de restaurants van het hotel.
Hier nemen we het buffet, waarbij veel keuze is. Het buffet smaakt goed.
Bezoek klooster en Kora wandeling.
We ontbijten in het restaurant bij het hotel. Het ontbijtbuffet is hier uitstekend.
Hierna lopen we naar het Tashilhunpo klooster, het klooster van de Panchen Lama.
Het is zo'n half uur wandelen door Shigatse. Zoals we al eerder gezien hebben
bestaat ook dit klooster uit een verzameling pleinen
(),
stupas
(),
tempels
(
)
en bijgebouwen. We bezoeken enkele tempels, met uiteraard weer grote vergulde
Boedhabeelden. Op een binnenplein gaan we een tijdje zitten kijken naar de bonte
verzameling toeristen, monniken en pelgrims
(
)
die voorbij komt.
- Als we op weg gaan naar de uitgang zien we door een klein deurtje een glimp
van een dansvoorstelling waarbij een grote groep monniken zit te kijken
().
Buiten de muren van het klooster zitten groepen Tibetanen, waaronder enkele
monniken, een soort gokspel te spelen
().
We gaan eten in een Nepalees restaurant in de hoofdstraat. Het eten smaakt hier
uitstekend.
Na de lunch gaan op pad om de Kora rondom het klooster en het fort van Shigatse
te lopen. Langs het pad komen we overal gebedsmolens
(),
gebedsvlaggen
()
en af en toe een pelgrim
()
tegen. De klim naar de achterkant van het klooster is pittig, maar we krijgen
er prachtige uitzichten op het klooster
(
)
en in de verte enkele besneeuwde pieken voor terug. Als we een klein kapelletje
passeren zien we plotseling een vreemde tegenligger
().
- Voorbij het klooster is het niet helemaal duidelijk welk pad we moeten nemen
in de buurt van het fort (een ruïne). We kiezen blijkbaar het verkeerde pad
en moeten behoorlijk klauteren om weer veilig beneden te komen.
Als we weer beneden in de stad zijn lopen we terug naar het hotel. Hier rusten
we een tijdje uit en spelen een spelletje kaart.
's Avonds eten we weer in het hotel. Vandaag bestelt bijna iedereen een a la
carte gerecht. Dit blijkt erg moeilijk te zijn voor de keuken want het duurt
uren voor het eten klaar is.
Na het eten pakken we een taxi om eens een Tibetetaanse disco te zien. Binnen
is het rond tien uur nog vrijwel leeg. De muziek is redelijk modern, maar dit
verandert al snel in karaoke op romantische Chinese en Tibetaanse nummers. Maar
om elf uur komen we er achter dat het nog erger kan: dan begit de show met zang
en dans. Een half uurtje later besluiten we maar naar huis te gaan.